Randbæk

 

Jawel, ik heb me te pletter bemind, godverdomme.
Ziek van liefde.
Ik moest naar zee gaan om weer op adem te komen.
Overdag werkte ik als ’n beest.
’s Avonds moest ik studeren van haar:
Ik moest ’n beschaafd man worden.

Toen kwam ik ’s onverwachts thuis.
Ligt ze met d’r benen wijd.
Nat en vers geneukt.
En naast ‘r zit ’n bleke blote man die me aanstaart.
En hij is doodsbang.
Maar hij is beschaafd.
Een man van goede hygiëne.

Denk je dat ze zich schaamde?
Ze was eindelijk gelukkig, zei ze.
Eindelijk gelukkig.
En ze had gelijk.
Want begeerte is ons enige geluk.
Begeerte.
Voor die les ben ik ‘r dankbaar.
Begeerte.

Ik moest die zak doodrammen, Larsen.
Ik sloeg ‘m z’n hersens in.
Die beschaafde man.
Einde van de liefde.
En van de hygiëne.

Ik bond ’n allejezus grote steen om z’n nek en pleurde ‘m in ……

… Godsamme, je raakt ’t nooit kwijt.


Belazerd door zijn grote liefde is Randbæk geworden wat hij nu is: ontgoocheld in de liefde, een gevlucht moordenaar, hardvochtig en eenzaam, een getormenteerde ziel.
        De crime passionele is van alle tijden. De daarmee samenhangende aanleidingen zoals overspel en jalousie eveneens. Of het zich in 1924 te Groenland afspeelt zoals in deze film ‘Zero Kelvin’ waarin de rol van Randbæk meesterlijk wordt vertolkt door Stellan Skarsgård of in het huidige Klazienaveen te Drenthe door een verknipte boer.
Relaties gaan gepaard met sterke emoties en daar kunnen heel wat mensen van door het lint gaan en eveneens een soort Randbæk worden...